G.L. Durlacher - Quarantaine
 
Quarantaine is een dun, maar rijk boekje. Niet voor niets kreeg G.L. Durlacher hier in 1994 de AKO-literatuurprijs voor. Bijna onderkoeld beschrijft hij het tragische lot van het Joodse gezin in de Tweede Wereldoorlog. Het boek is vooral sterk om wat er niet in staat, om wat ontbreekt, maar waarvan je de aanwezigheid tussen de regels door leest. Voor en aan het begin van de oorlog wordt er toneel gespeeld. Vader is acteur en speelt in een gezelschap. Eenmaal in Westerbork betekenen de optredens uitstel. Uitstel van de trein. Net als de difterie, waarop de quarantainebarak volgt. In Duitsland zitten ze niet te wachten op besmettelijke ziekten. 
Als de zoon na de oorlog de buren van zijn vroegere huis bezoekt, komt de buurman de trap af en verschijnt in de deuropening. ‘Nog voor ik zijn ogen zie, zie ik zijn pak. Het is een pak van mijn vader, het grijze pak met het visgraatmotief. Zijn strenge bureaucratengezicht loopt rood aan. Hij ziet mijn verbijstering en zonder omhaal geeft hij toe dat hij vlak na onze arrestatie het huis in is gegaan om te zien wat bruikbaar was.’ De quarantaine zet zich voort na de oorlog. In het onbegrip en dat wat niet gezegd wordt.
Quarantaine - G.L. Durlacher
woensdag 16 april 2008